Het eerste hoofdstuk schreef ik in de derde nacht zonder slaap, ergens tussen uitputting en het gevoel dat het er eindelijk uit moest.
Het eerste hoofdstuk schreef ik in de derde nacht zonder slaap, ergens tussen uitputting en het gevoel dat het er eindelijk uit moest.
Het was geen gepland moment. Geen rustige zondagochtend met koffie en inspiratie. Het was nacht. Stil. Mijn hoofd stond aan, mijn lichaam ook. Zoals wel vaker. Slapen lukte niet. Gedachten bleven doorgaan, tics ook. En ergens daartussen zat iets wat eruit wilde.
In het begin probeerde ik het nog tegen te houden. “Morgen,” dacht ik. “Dan schrijf ik wel.” Maar hoe langer ik bleef liggen, hoe duidelijker het werd dat dit geen morgen-ding was. Dit was nu. Dus ik pakte mijn laptop.
Schrijven vanuit vermoeidheid voelt anders
Er zit iets raars in schrijven als je al drie nachten niet echt hebt geslapen. Je filter valt weg. Je denkt minder na over hoe iets klinkt of hoe het overkomt. Normaal zou ik zinnen aanpassen, schrappen, twijfelen. Nu niet. Het kwam er gewoon uit.
En misschien is dat precies waarom dat eerste hoofdstuk werkt zoals het werkt. Omdat het niet gemaakt is om goed te zijn. Het is geschreven omdat het moest.
Het ging niet alleen over Tourette
Ik dacht dat ik zou beginnen met uitleg. Wat Tourette is. Hoe het werkt. Feiten, context, duidelijkheid. Maar dat gebeurde niet.
Het eerste wat eruit kwam, ging over gevoel. Over controle die je kwijt bent. Over een lichaam dat niet altijd doet wat jij wil. Over hoe dat langzaam in je identiteit kruipt. Tourette zat er wel in, maar het was niet het enige.
Dat besefte ik pas toen ik het teruglas.
Tussen frustratie en opluchting
Er zat veel in die nacht. Frustratie, omdat mijn lichaam me wakker hield. Vermoeidheid, omdat ik wist dat ik de volgende dag weer moest functioneren. Maar ook iets anders. Iets van opluchting.
Alsof alles wat zich had opgestapeld, eindelijk een plek kreeg. Niet opgelost. Maar wel uitgesproken.
Niet perfect, wel echt
De volgende dag las ik het terug. Met frisse ogen, maar nog steeds moe. En natuurlijk zag ik dingen die beter konden. Zinnen die anders moesten. Structuur die strakker kon.
Maar ik heb er bewust voor gekozen om dat eerste hoofdstuk niet kapot te redigeren. Omdat de kern klopt. Omdat het precies vastlegt hoe het op dat moment voelde.
En dat is uiteindelijk waar dit boek om draait. Niet om perfectie. Maar om eerlijkheid.
Waarom dit moment belangrijk was
Dat eerste hoofdstuk was meer dan alleen een begin. Het was een soort bewijs. Dat ik dit verhaal kan opschrijven. Dat het ergens heen kan.
Niet omdat alles al duidelijk is. Maar juist omdat het dat nog niet is.
Soms begint iets niet op het juiste moment.
Soms begint het omdat het niet langer kan wachten.